franfotoblog

4 | 11 | 2021
137

Olympia Keeper

Als ik de achterkant van dit boek niet als eerste had gezien, was ik vast verder gegaan met het zoeken in die berg tweedehands boeken. Dit zie je niet vaak. Vooroorlogse aandacht voor pubers, met een licht-erotische uitstraling. Oh-la-la.

In zwart-wit en een gebroken rug. Deze keeper heeft heel wat doorstaan om me tachtig jaar later nog te bereiken. Hij hield zijn doel schoon in de tijd dat keepers hun eigen kleding droegen en een pet op hadden, om regen en zon te weren en de concentratie te verhogen. En zich te onderscheiden, ik kan me geen midvoor met pet voorstellen. 

De foto is gemaakt door Karel Egermeier. Henri de Montherlant heeft er wat stukjes bij geschreven onder de titel: “Paysage des Olympiques”. Passend in de geest van de Körperkultur uit die tijd. En dan de wat luchtiger, Franse, kant natuurlijk. Er hangt nog een zekere onschuld aan dit boek. Het was de laatste keer. 

Achterin staat: “ACHEVÉ D’IMPRIMER SUR LES PRESSES DE E. AULARD, IMPRIMEUR A PARIS, LE XXI MAI MCMXL.” De censuur had er op de 8e mei nog naar gekeken en het goedgekeurd. Frankrijk capituleerde drie weken later. 

Egermeier (1903 - 1991, “un photographe tchèque spécialisé dans la photographie masculine”, volgens Wikipedia), trok in het begin van de twintiger jaren naar Parijs. Zijn eerste foto’s stonden op de Scoutskalender van 1936. 

Gezonde jongens in de buitenlucht, schaars geklede meisjes in sportieve competitie. “Ce qui est vraiment beau, est toujours fort” staat er onder een foto van een meisje in de starthouding op de sintelbaan. Van de 80 foto’s zijn er 60 van jongens.

31 | 10 | 2021
136

Smerig

Gevonden op de Albert Cuypstraat op een regenachtige dag. Ik herinner me de glans toen ik me voorover boog om deze polaroid op te rapen. Net als bij schelpen zijn ze nat altijd op z’n mooist. Ik viel ook op de kleur van zijn coltrui, polarood. 

Door het vocht was de beschermlaag week geworden, bekrast en besmeurd. In die tijd zag je veel 'bewerkte' polaroids. Erwin Olaf hield er in 1995 voor zijn serie, over kinderen met het syndroom van Down, een aanstekertje onder. Maar Les Krims deed dat al twintig jaar eerder. Hij gebruikte daarvoor het gummetje van een potlood. Door het wrijven over een Polaroid, kon je de emulsie in elkaar laten overvloeien. Het effect deed aan Dali’s zachte horloges denken. 

Iemand mailde me ooit dat ze negatieven in de tuin had begraven. Ik denk dat ze de beelden iets extra’s wou meegeven. Een geschiedenis, een leven. Daar deden deze paspoortfoto’s me ook aan denken. Er is over hem heen gelopen. Hij is vast dood.

 Soms probeer ik in de uitdrukking op z’n gezicht iets terug te vinden van een reactie op dit over je heen lopen. Op de foto linksboven kijkt hij wat angstig in de lens en lijkt hij  de naderende voetafdruk te willen ontwijken. Rechtsboven is dat al weer verdwenen en is de uitdrukking lichtelijk nonchalant. Maar dat beviel niet en hij draaide z’n schouders wat rechter in beeld en keek het naderende gevaar recht in het gezicht. Op de laatste foto alleen nog een zachte glimlach. Hij wist dat ik hem niet zou laten liggen.

27 | 10 | 2021
135

De Pers

4e F.T.G. BEURS GEOPEND
Wethouder W. Steinmetz heeft Maandagmorgen in het R.A.I. gebouw te Amsterdam de vierde Federatieve Textiel Grossiersbeurs geopend.
Na de openingsplechtigheid maakten de autoriteiten een rondgang langs de stands. Links Wethouder Steinmetz, naast hem de heer Voorzanger, Voorzitter van de beurscommissie, die met aandacht het werk van een Javaanse wefster volgen, die bij de ingang van de tentoonstelling tezamen met vertegenwoordigers uit andere landen haar kunstzinnige zrbeid demonstreert.
17 januari 1955   FOTO  ANP  JZR  HMR
1055/              B:   PM

23 | 10 | 2021
134

Eau de Juillet

Ik kreeg m’n gedachten maar niet op een rij, toen ik door de verlaten vertrekken van een groot leeg huis op het Franse platteland dwaalde. Het zat tussen nergens aankomen en niemand die iets ziet. De schijn van aanwezigheid en de realiteit van verlatenheid. Alles onder handbereik en toch onaanraakbaar.

De desolaatheid van verlaten huizen waar ieder moment weer het leven kan worden opgepakt, heb ik nergens zo sterk gevoeld als op het Franse platteland. Een Hollander die al jaren in Frankrijk woont, vertelde me dat het eigenlijk allemaal erfeniskwesties waren. De oorspronkelijke bewoners waren het huis uitgedragen en de nabestaanden konden het maar niet eens worden over de erfenis of boedelverdeling. Tot er een beslissing valt, blijft alles zoals het was. Dat wordt door iedereen gerespecteerd.

Een aardige Amsterdamse gewoonte is dat alles wat op straat gezet wordt, als eigendom van een eerlijke vinder kan worden beschouwd. Het zelfreinigende vermogen van een wereldstad, houd ik mezelf gemakshalve maar voor. In die badkamer was er keus te over. Daar moesten die Fransen maar aan wennen.  De verfranste Hollander vond het gewoon diefstal. Als herinnering aan deze netelige kwestie heb ik het flesje van Yves Rocher voor vernietiging behoed en mee naar huis genomen, waar het nu een rustige oude dag geniet.