franfotoblog

30 | 12 | 2025
559

De Nozems

Ooit gevonden in de afvalcontainer van de politiek tekenaar voor de Volkskrant, Opland: een origineel cliché van de foto die Ed van der Elsken maakte over Nozems, voor het artikel van Jan Vrijman in Vrij Nederland.

Het was voor het eerst dat er in Nederland media-aandacht was voor een speciale groep ‘lastige’ jongeren. De journalist en de fotograaf liepen de Nieuwendijk in Amsterdam op en af op zoek naar jongens die hier aan voldeden. Hier werden meisjes en het winkelende publiek lastig gevallen. Van der Elsken trof deze twee jongens uit Kattenburg en vroeg ze te poseren voor de etalage van een accordeonzaak in het verlengde van de Haarlemmerdijk. Het woord “Dijkers” werd later een begrip, toen ze zich afzetten tegen de “Pleiners”, die zich rond het Leidseplein ophielden.

Het was een nieuw woord, zonder betekenis. Braaf Nederland dacht deze jongste ‘ongeremdheid’ te bedwingen door ze te benoemen als “Nederlands Onderdaan Zonder Enig Moraal”. Ook deze twee jongens waren er niet van gediend om bij dit gespuis te worden ingedeeld. Het werd een relletje en ze deden Vrij Nederland een proces aan. Ze vonden dat ze in hun goede naam waren aangetast door de begeleidende tekst, en ze wonnen.

Bijna vijfentwintig jaar later verdedigde Van der Elsken in de Revisor zich nog: “zij waren perfectly willing”. Waarna hij zich beriep op zijn verantwoordelijkheid tegenover de gefotografeerden om ze niet te kwetsen. Dat waren ze ook niet, het was de tekst van Vrijman waarin ze zich niet konden vinden. Blijkbaar zat het hem nog steeds dwars.

Dit cliché is aan de achterkant in de zwarte gedeeltes beplakt met stukjes papier van de proefdruk. Daardoor verhoog je plaatselijk de drukkracht en wordt de inkt dieper in het papier gedrukt en voorkom je dat de zwarte partijen dichtlopen.

28 | 12 | 2025
558

Maatje 40 B

Als je de rechterschoen wat nauwkeuriger bekeek, kon je een minuscuul wijnvlekje zien zitten. Maar om ze daarom op straat te zetten?

Prachtig gemaakt. Ze moeten met heerlijke verwachtingen gekocht zijn; en toch maar één keer gebruikt. Een nare herinnering lijkt me meer voor de hand liggen. Misschien vieren haar voeten nu waar ze echt voor gemaakt zijn, al zit de vorm er nog wel een beetje in.

24 | 12 | 2025
557

Maatje 40

Ik kreeg een wirwar van gevoelens toen ik op zaterdagochtend langs die afvalcontainers fietste. Er stonden een paar prachtige blauwe schoentjes op straat. Nog bijna helemaal nieuw, dit sloot iedere achteloosheid uit. Hoe kon iemand dit zomaar wegzetten? Had zich hier iets dramatisch voltrokken? Stonden ze daar om mee te nemen? Was dit een impulsieve daad?

Toen begon ik me af te vragen wat hier nou zo aantrekkelijk aan was. Eigenlijk alleen maar tegenstellingen. Nieuw en nu al afval, het ruwe en de verfijning, intens kobalt en warm beige, Assepoester en de realiteit, deze stilte en een avondje uit, of iets intiems in de openbaarheid.

Ik heb ook altijd een gemengd gevoel als ik een vrouw op echt hoge hakken zie, de associatie van pijn met schoonheid. Esthetiek, die niet zonder kwelling tot stand kan komen. Hier nog eens benadrukt door vier gespjes, alsof je niet alleen zulke pijn kunt aanpassen aan de vorm van een wreef, maar waar je je ook razendsnel van kan verlossen als je nog iets spannenders wil gaan doen. Het ‘gouden’ ritsje boven de hiel versterkte dat.

Ik heb ze niet laten staan. Ik wilde ze thuis in een net te kleine schoenendoos fotograferen. De extreem blauwe indruk zou de overhand krijgen. Die slobkousenachtige neutrale wederhelft van de schacht zou het ‘Peau de pêche’-achtige gehalte van het materiaal benadrukken. Het licht zou een natuurlijk verloop aan kleurintensiteit benadrukken; ik zag van alles voor me. Buiten het getal ‘40’ ontbrak ieder spoor van merk of fabrikant. Ik kon m’n gang gaan, alles was ‘out of the blue’.