franfotoblog

30 | 10 | 2022
238

Corrida

Plastic doosje zonneschijn in ‘de Locatie’ voor 2 euro; dia’s over stierengevechten in Estapona. “Costa del Sol op15 juni 1996”, volgens de stickers. Daartussen moeten ook foto’s van El Cordobes hebben gezeten, het enfant terrible van de toreadors in de zestiger jaren. Misschien ergens anders opgeslagen. Dit zijn er 16, ik kan me niet voorstellen dat je naar zo’n spektakel gaat en er maar een half rolletje aan besteedt. Dit moeten de restjes zijn. 

Want echt weggooien doe je zoiets natuurlijk niet. Teveel nog levend verleden, nog steeds iets bijzonders, het bewijs van iemands passie; ik kan er niet vanaf kan blijven. Ik ben nog nooit naar zo’n gevecht geweest, geef mij maar de kaasmarkt. Maar hoe fotografeer je zoiets? 

Het valt meteen op hoe weinig ruimte deze fotograaf nam of kreeg. Vanaf je zitplaats steeds weer hetzelfde uitzicht. Je kunt proberen de corrida wat buiten beeld houden met een telelens, zoals bij deze dia van Cristina Sanchez. Alleen maar zand om haar heen. Maar de onscherpe schouder in de rechterbenedenhoek van een van de toreadors achter de veilige schutting, maakt haar niet los van de omgeving. Misschien had de fotograaf even moeten gaan staan? 

Opvallend dat op deze foto's nergens bloed te zien is, het blijft bij uitdagen en prikkelen. Net als in de porno gaat het in principe om het hoogtepunt van de prestatie op deze foto’s. Wat er daarna gebeurt is niet interressant. Geen dode dieren in beeld a.u.b. Wij zijn nou eenmaal superieur aan andere schepsels, wij maken niks vuil. Maar verlagen ons wel tot een gedrag dat een dier, behalve bij de kat en de muis dan, zelf niet gebruikt. 

Eigenlijk is aan haar prachtige tenue al te zien wat voor kermis zo’n stierengevecht eigenlijk is. Het doet me altijd denken aan de ‘Hollywood Cowboys’, mannen met joyeuse hoeden en zijden overhemden waarin je echt geen dagen in het zadel zou kunnen zitten. Cristina’s schitterende verpakking verbergt het gruwelijke van dit ritueel.

26 | 10 | 2022
237

Woewoe Hengheng

Ik herkende haar meteen op die boekcover, daarna ging m’n oog door de omgeving. Inderdaad een foto van Ed van der Elsken, deze zie je niet zo vaak. Fantastisch, dat je een foto zo een extra lading kan geven. Zou die serie zelf geen boekje waard zijn? “Ed & de Nozems”. Tenslotte heeft hij met Jan Vrijman deze inheemse stam als eerste gelocaliseerd en benoemd. 

Maar dan moet het verschijnsel wel precieser omschreven worden. Nu wordt de typering ‘nozem’ vaak gezien als een afkorting voor: “Nederlands Onderdaan Zonder Enige Moraal” (Wikiwoordenboek). Deze poging tot neutralisering geeft na zoveel jaren nog steeds aan hoe gevaarlijk deze beweging was. Niemand kon iets tegen ze doen, deze jongens waren verre van ‘onderdaan’-ig. Het leger moest eigenlijk paraat staan. 

De naam is door Vrijman en van der Elsken bedacht; zelf vonden die jongens zich geen verschijnsel. Ze hadden dezelfde leeftijd en ontmoetten elkaar in los verband op de Haarlemmerdijk of Nieuwmarkt. Ook in Alkmaar had je toen jongens die op zaterdagavond op hun knetterende Benelli’s en NSU’s door de verlaten Langestraat heen en weer reden. In de woningen boven de winkels sprak men daar schande van. 

Bij Van der Elsken’s foto’s gaat het om het imponeren. Je brommer laten steigeren om te laten zien dat je die kracht volledig onder controle hebt. Je aan niets gebonden bent en je er ieder moment vandoor kan gaan. En om indruk op meisjes te maken natuurlijk. Daarom zorgt Van der Elsken dat ze nog net in beeld staat. 

Het haar opgespoten met haarlak, de ‘suikerspin'. Ook een vorm van imponeren. Een gazen shawl-tje om het op z’n plaats te houden als je achterop zit. Door die vlinderbril krijgt ze dromerige, amandelvormige ogen. Als Van der Elsken haar even apart neemt, weet ze precies hoe ze moet kijken. Een romantische vrouw gekleed op snelheid en avontuur. Roesjes en leer. Madame de Pompadour in een kooi vol gorilla's.

Woede, Ingrid Hoogervorst – De Bezige Bij, 2003 | Amsterdam, Ed van der Elsken – Van Holkema & Warendorf, 1979
19 | 10 | 2022
235

Op het verkeerde been

Op vrijdag de dertiende kwam er een voorlopig eind aan het eerste zelfstandig bestaan van prinses Amalia. Op zaterdag stond deze foto van Raymond Rutting in de Volkskrant. 40 Dagen oud. Blijkbaar opnieuw actueel.

Het viel meteen op hoeveel ruimte de fotograaf bij het maken van deze foto had gehad. Bijna een onderonsje tussen die twee, zo fotografeer je je verloofde. Niemand kan in de buurt komen of haar lastig vallen, wel zo overzichtelijk. Hare koninklijke van nu af aan anoniem. Ondertussen weet ik beter.

Want rondom Rutting stond een muur van filmers en fotografen. Ik tel er op een andere foto, van Joris van Gennip (Trouw), al een stuk of veertig. De rij staat dwars op de stoep, zodat je haar door de Roeterstraat aan kan zien komen lopen en met een beweging naar links, de hoofdingang van de Universiteit zien binnengaan.

Rutting is een van de weinigen die de straat achter haar een belangrijke rol geeft. Hij maakt van haar een voorbijgangster. Op de meeste foto’s zie je haar voor de UVA gevel staan of naar de ingang toelopen. Daarvoor staan al die fotografen daar, maar deze foto laat meer aan je fantasie over en vertelt me ook iets over haar geïsoleerde bestaan.

Dat wordt versterkt door de drie mannen in de achtergrond, veiligheidsagenten. Ik zie nergens iets bedreigends, zij wel. Vooral die te oude, onopvallende man op links is een voorbeeld voor ons allen hoe je om een hoek kan kijken, en toch niet opvalt. De andere twee hebben hun rug naar dit spektakel gekeerd. Weten nergens van. Maar wat moet dat hier zonder jasjes of rugzakken, zoals bij echte studenten?

Er is iets veranderd in die vier weken, waardoor ze niet langer meer te bewaken valt. Ze is nu echt anoniem. Daar zijn geen foto’s van te maken, op deze zie je het al aankomen. Het maagdelijke wit ten spijt. Daarom twee keer bruikbaar.