En masse
De herhaling, of de massa zal altijd indrukwekkend blijven. Alsof 1x niet genoeg is. Doet meteen denken aan steeds dezelfde reclameboodschappen, het dancepubliek, voetbalwedstrijden en massademonstraties. Dingen waar je liever niets mee te maken wilt hebben. Teveel is echt te veel.
Daarnaast is er het unieke van een voorwerp of onderwerp. Walter Benjamin schreef in ‘Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid’, dat er door herhaling verlies ontstaat in intrinsieke waarde. Dat zou betrekking kunnen hebben op deze foto. Maar ik keek meer naar de symbolische betekenis van het ‘in hokjes opslaan’ in een massa.
Het leek me heel benauwd maar ook geborgen. En je kunt rustiger kijken naar ieder individueel paar, je voorstellen dat ze toch van elkaar verschillen doordat ze steeds iets anders staan opgesteld. Zouden ze elkaar kunnen horen? Staan ze te wachten tot zij ook aan de beurt zijn? Zijn het liftkooien? Is er een band met het existentialisme?
Als je ieder paar van dichtbij bekijkt zie je verschillen, ook al zijn het dezelfde basisfiguurtjes. Ogen en wenkbrauwen zijn zo verfijnd aangebracht, dat moet handwerk zijn. Maar over de rest van het uiterlijk heb ik m’n twijfels. Teveel jongetjesachtig. Alsof je dit niet helemaal serieus hoeft te nemen. De heterostellen uit dezelfde productie doen misschien wel rare dingen met elkaar, zoals hier de bruid scheel laten kijken als ze achterover hangt tijdens het dansen, maar ze zien er wel volwassener uit.
De gedachte aan massatrouwerijen zoals Mr. Moon ze organiseert in Zuid Korea, ligt om de hoek. Zijn dat fake trouwerijen? Propaganda? Een ander gevoel voor collectiviteit of westerse argwaan? Toch zijn we niet te beroerd om het hier op een taart te zetten. Handel is handel.
Sander
In het Centre Pompidou loopt tot 5 september de tentoonstelling; “Germany / 1920’s / New Objectivity / August Sander”. Uit de folder: “This exhibition presents two different yet overlapping narratives of German modernity during the Weimar Republic (1918-1933)”. ‘Nieuwe Zakelijkheid’ vanuit een multidisciplinair standpunt: foto’s, schilderijen, architectuur, design, film, theater, literatuur en muziek. Alles wat een mens nodig heeft.
Sander blijft inspireren. Zijn foto’s doen traditioneel aan. Maar dat zat niet in de keuze van zijn portretten van kunstenaars in de periode van ‘Der Neue Sachlichkeit’. Zijn portret van de schilder Anton Räderscheidt bewijst dat hij kennis had van de ‘Kölner Progressiven’. Räderscheidt staat als een etalagepop met bolhoed op, om zes uur ‘s ochtends in een totaal verlaten straat. Alleen op de wereld, Kafkaësk. Zo had hij zichzelf ook geschilderd. Maar op een realistische foto doet het nog echter en vreemder aan.
Je krijgt hier ook een idee hoe Sander werkte. Hij was een succesvol ondernemer, dat is te zien aan de betaalde familieportretten. De verschillende formaten van dezelfde foto’s die hier liggen, duiden op de welstand van sommige opdrachtgevers. Hoe rijker, hoe meer keus en hoe groter de afdruk.
Er liggen twee facsimile’s van negatieven uit zijn beroemde serie over ‘Mensen van de twintigste eeuw’: de kok en de stenensjouwer. Nu zag ik dat er meer ruimte om de sjouwer heen zat dan alleen maar een zwarte achtergrond. Sander wist tijdens de opname al dat hij die extra informatie nooit zou gebruiken. Maar als hij er dichter op had gezeten was de optische weergave, voorgrond / achtergrond, minder ruimtelijk geweest. Dus wat meer naar achteren en de overtollige extra informatie er om heen wegsnijden. Hij wist wat zijn onderwerp nodig had, maar ook heel goed hoe het er uit moest zien.
Une seconde d'éternité
'La Guerre est finie' (1966) – Alain Resnais, Yves Montand omhelst Ingrid Thulin.
Frictie
Je staat op een filmset, hartje augustus. Het is erg warm, maar om je heen zie je overal sneeuw op de stoep liggen. Eigenlijk heel fijn gemalen glas. Je weet het maar het voelt toch anders.
Opeens realiseerde ik me dat wat ik zag, niet voelde. Je ziet iets dat voor ’kou’ staat, maar mijn huid voelde warmte. Scheiding van lichaam en geest. Daarna moest ik steeds weer even onderzoeken welke stemming de juiste was. Of het wel klopte. Bij deze foto heb ik dat ook. Steeds weer opnieuw bekijken of ik me niet vergist heb.
We zien wat we willen zien, gebaseerd op wat we eerder hebben gezien en hebben opgestoken. Misschien zit er nog ergens een andere waarheid onder. In zijn ‘Uhrformen der Kunst’, het fotoboek van Karl Blossfelt uit 1928, is te zien hoe plantenvormen dezelfde sculpturale vormen hebben als de mensheid in haar eigen scheppingen hanteert. Onbewust (?) hebben die twee oervormen los van elkaar bestaan, totdat Blossfelt het verband liet zien.
Een tweepotige wortel uit de biologische winkel had de potentie om als modderfiguur te kunnen optreden. Je kijkt en je verwondert je iedere keer weer. Zo hoort het in de fotografie.