franfotoblog

13 | 2 | 2021
68

Zwaar Weer in Zwart Wit

Zaterdag, een van de smerigste zwart-wit afdrukken gekocht die ik ooit heb gezien. Er is vocht bijgekomen; het weer zit er in. Daarnaast zo’n zware verzilvering dat de helft van de afdruk een negatief lijkt. 

Vorm en inhoud gaan hier in elkaar over. Deze storm lijkt buiten deze afdruk getreden om de verbeelding ervan alsnog te vernietigen.

Er is gefotografeerd tijdens zeer zwaar weer met de blik naar open zee. De fotograaf heeft zich vast vast laten binden op dit havenhoofd om zich alleen op dat baken in de verte te concentreren. Houd ik de horizon wel recht? Komt er geen water op m’n lens? Houdt de zon het nog even vol? Tussen deze twee golfbrekers is de ergste opzwepende golfslag wel gaan liggen, maar het water heeft nog niets van zijn kracht verloren en kolkt in de rondte. 

Zonnestralen breken als lichtbanen door het dikke wolkendek. Zoals zeventiende- eeuwse schilders zulke spotlights gebruikten om de nietigheid van de mens tegenover die huizenhoge golven weer te geven. Die lichtbanen steken dan altijd briljant af tegen donkere donderluchten. Hier niet anders. Kathedralenlicht. 

De oplichtende plas rechts onderin is als een gat in de duisternis; je zou er in willen verdwijnen om voorgoed aan dit oorverdovende geraas en getier te kunnen ontkomen.

10 | 2 | 2021
67

Werbefotografie – eine Domäne des Grossformate

Phantasie ist für den Werbelichtbildner Kapital. Er muss es verstehen, ein Gefühl, einen Zustand optisch sichtbar zu machen.

Hier ist es das beschwingte leichte Fahren – symbolisiert durch eine Zweitbelichtung in farbgefilterdem Licht. Zur Erzielung eines strukturlosen “luftartigen” Hintergrundes ist genügender Abstand und eine Grossformatkamera mit langer Brenweite notwendig. 

Aufnahme: G. Pfankuch, Frankfurt (Main), im Auftrag der Agentur McCann, Frankfurt (Main) für Firma Opel. 

Aufnahmeformat 13 x 18, Ektachrome-Kunstlicht. 

© 1960 by Verlag GROSSBILD-TECHNIK GmbH, München 25.

6 | 2 | 2021
66

Stickers

Net terug van een stickerspeurtocht. Die ik zocht zat vorige week op een verkeerslicht. Maar waar was dat ook al weer? Andere dringen zich op. We moeten paraplu's boycotten (met dank aan The Clash), en heel modern, NOS = fake nieuws. Weinig oogst. Veel schoongekrabte palen, dat wel. 

Gedachteloos, maar geconcentreerd op het wisselen van rood naar groen, liet ik toen m’n blik een beetje door de omgeving zweven. Daarvoor zitten die stickers op die palen. Morseberichten uit de actualiteit. Boodschapjes die maar een paar seconden van je tijd willen. Sommige bedoeld als doordenkertjes. Net kort genoeg om direct weer op de fiets te springen en verder te rijden. Bij zebra's zie je ze veel minder. 

Opeens zag ik een beeld op zo’n sticker dat ik lange tijd niet meer had gezien. Vijf vrouwen op een rij hielden hun kleren omhoog en lieten hun navels zien. Op het blote vlees stond met lippenstift geschreven: “Baas in eigen buik”. Een van de iconische foto’s uit de tweede feministische golf. Niet van Eva Besnyö, maar van Jaap Herschel. 

Waarom die foto al zo’n 50 jaar in m’n geheugen vastzit, moet te maken hebben met veel verschillende lagen en betekenissen. De directheid van ‘ik sta hier en ik kan niks anders’. Intimiteit voorbij. Het lichaam als mededelingenbord, de laatste strohalm. De rechtvaardigheid van de boodschap. De simpelheid. Dezelfde directheid als Pussy Riot. Slim; erotiek gekoppeld aan strijdvaardigheid, geen krant zal dat weigeren. Dat er nu in Polen nog over wordt gezeurd. Mannetjes zouden even hun mond moeten houden. Dat we vijftig jaar verder zijn! Een minderheid dicteert nog steeds de meerderheid. 

Achter me wordt gebeld, het licht staat op groen.

4 | 2 | 2021
65

Colette & Irving 1951

Uit: “FAME”  Famous Portraits of Famous People by Famous Photographers
Edited by L.Fritz Gruber  The Focal Press London and New York  1960. 

Irving Penn, Sidonie-Gabrielle Claudine Colette 1873 - 1954  French Author.

In his life of her, Paul Goudeket, her husband, writes: “She had an astonishing, revealing forehead; she knew this and would never show it. It was a vast domed brow, like Beethoven’s. Fashions might change and hair be pulled back, she always wore hers hanging down over her forehead. ‘My monstrous forehead’, she used to say. But in a woman who could say: ’Nobody can throw off his skin’, that was more than mere womanly coquetry”. 

“This head and shoulders portrait isolates her from her surroundings, from her legend, and shows her to posterity as she was, stripped of her properties. She is shown half sitting, half lying. Above a mass of silks and furs her head emerges, with the chin propped up by a clenched fist. Her expression is stern and tense. Her forehead, which is almost completey uncoverd, is the high, masterful brow of genius. 

The picture is striking, but is a betrayal, a violation of a secret. It reveals everything Colette wanted to conceal and of which she was only partly concious herself. One cannot say it is a good likeness. It is sexless, whereas Colette remained feminine to her last breath. The charm, the graciousness and the gently irony which were characteristic of her are missing. It is in reality a portrait of another person, of that hidden being that all of us have within us, of the person who alone could have written certain pages of Colette. What demons, showing favours to photographers, came to Mr. Penn’s help? What instinct guided him? 

It is possible that Penn was unfamiliar with Colette’s work and that he was seeing the author for the first time. I cannot believe that it was pure change that helped him. A great portraitist – and there are very few of them – is a kind of waterdiviner, who sees beyond appearances”.