franfotoblog

5 | 6 | 2022
196

Avati

Uit het boekenhuisje aan de Amstelkade. Meegenomen omdat ik net in ‘Het teken van de Dood’ over Moravia en zijn bezoek aan Jan Wolkers op Texel had gelezen. Kan geen toeval zijn. Maar eigenlijk om de James Avati-cover en de foto achterop. 

Deze Signetuitgave komt uit maart 1952 en is de tweede druk. Het zijn de hoogtijdagen van de gevaarlijke vrouwen. In films, de reclames en op de boekomslagen. “Was She Good - or Was She Bad?” staat er op de cover. Die trend was al voor de oorlog merkbaar, maar werd nu ook gebruikt als waarschuwing en verleidingsfactor. 

In het definitieve boek over James Avati van Piet Schreuders en Kenneth Fulton (010 Publishers) staat dat Avati voor de herdruk van 1958 het interieur achter haar heeft weggeschilderd. Schaamden de illustrator of de uitgevers zich voor de schamele, rommelige inboedel? Komt ze teveel over als een slordige sloerie, een verwarde vrouw? Zo moeten Amerikaanse soldaten tijdens de oorlog Italiaanse vrouwen hebben ervaren, volgens de uitgevers. Of Avati wilde een breuk met het verleden. 

Hij werkte meestal naar foto’s. In zijn studio construeerde hij met vrienden of familie, voorstellingen die bijna letterlijk werden nageschilderd. Ik weet niet of het voor meer Signetuitgaves gold, maar voor ‘The Woman of Rome’, staat op de achterkant ook de foto van het model dat Avati gebruikte. 

Je ziet de verschillen in kleine, maar belangrijke details. Op de cover houdt ‘The Woman’ haar rechterarm op haar rug, op de foto staat die in haar zij en komt wat zelfbewuster over. Haar linkerhand hield oorspronkelijk een ronde vorm vast, te zien aan de kromming van haar vingers, op de boekcover zoekt de hand houvast aan de rug van een stoel. Onzekerheid en houvast. Haar gezichtsuitdrukking is er wat schamperder op  geworden, een vrouw die wat heeft meegemaakt. Ben benieuwd.

1 | 6 | 2022
195

Hans Croiset

Hans Croiset speelt zijn laatste rol in ‘Eindspel’ van Samuel Beckett. Door de corona heeft hij daar twee en een half jaar op moeten wachten. Wat hij heerlijk vond; hij wilde alles tot in de puntjes voorbereiden. 

Als ik aan hem denk komt deze foto vaak bovendrijven. Gemaakt tijdens een doorloop van ‘Mary Stuart’ in 1991, in het repetitielokaal van het Nationale Toneel. Hij deed de regie. Bram van der Vlugt en Wil van Kralingen hadden de hoofdrollen. Zij speelde Mary als verfrissende onschuld. Overgevoelig naast de kille Elizabeth van Annewil Blankers. Ik hoor haar nog altijd “Zuster!” roepen met dat beetje bekakte Haagse accent; “Zaster!”. Maar dit is Saskia Mees die een hofdame speelde. Half verkleed om alvast het gevoel te krijgen dat je in kostuum staat. 

Op dat moment deed het me denken aan de geboorte van Venus van Botticelli. Een opperwezen dat leven blaast in een jonge vrouw. Haar blik is ergens anders. Heeft ze het koud of staat ze strak van de adrenaline? Hans Croiset regisseerde zacht en dwingend, ik zie het in z’n schouders. Hij gebruikte zijn stemgeluid, zacht en vloeiend, om dingen voor elkaar te krijgen. Wat hij zei klonk nooit ingewikkeld, had een aangename helderheid. Een warme man. 

Wat hem altijd jong heeft gehouden is zijn eeuwige twijfel of hij wel alles uit een stuk haalde wat er volgens hem inzat. Zo werd het iedere keer weer een opgave om aan een voorstelling te beginnen, als acteur en regisseur. Dat tot in de perfectie iets raken is hem wel eens overkomen, maar dat was dan steeds achteraf, nooit in het moment zelf. Altijd in overweging doe ik het wel goed. Het voorbeeld van een eeuwige, succesvolle, twijfelaar.

Met dank aan het radioprogramma Kunststof.
29 | 5 | 2022
194

Uit een kartonnen kinderkoffertje 2

Een dagje naar het strand. Er is een schip aangespoeld, dus camera mee. Zomaar zitten op het zand achter prikkeldraad en een bordje: “Verboden Toegang volgens het zeeregelement art.3 “. De jongen op rechts maakt een foto met zijn Kodak Instamatic. Niemand lijkt zich bewust van het gevaar aan de horizon. ‘Jaws’ avant la lettre. 

Ik zie ook verschillende lagen. De puurheid van een witte zandvlakte. Vier ramptoeristen zonder bagage, keurig ingedeeld tussen paaltjes. De samenhang en tegelijk ontkenning tussen dichtbij en veraf, en groot en klein. De nabijheid van zo’n schip dat je alleen maar uit de verte kent. De overeenkomst met foto’s van jachttrofeeën. 

Vreemd dat dit gezelschap zich liever naar de camera richt dan waar zij voor gekomen zijn. En opvallend dat de fotograaf meer zand dan hemel op de foto wilde. Groot gelijk; het zand heeft het schip eigenlijk doen stranden, zo wordt het een science-fiction landschap waar alles mogelijk is. Een vale kiel kan hier zelfs stuifzand suggereren. 

Ik zag voor het eerst hoe groot zulke schepen waren toen ik zes jaar was. Bij Bergen aan Zee was de ‘Katingo’ gestrand. De anders hoge toppen van het duinlandschap aan het eind van de Zeeweg waren ineens zandhoopjes, als je ze vergeleek met wat er in de verte bovenuit stak. Hetzelfde gevoel als ik cruiseschepen langs de Amsterdamse skyline zie glijden. 

Dit is de ‘Wang Chu’ die in 1973 strandde bij Castricum aan Zee. Na een poging het schip recht te trekken kwam het nog vaster te liggen. Nadat er brand was uitgebroken werd het in stukken gezaagd en verdween het als schroot in De Hoogovens.

25 | 5 | 2022
193

Uit een kartonnen kinderkoffertje 1

Als ik ze in deze volgorde zet, ontstaat er iets dat niet de bedoeling is. Alsof de tweede foto uit de eerste voortkomt. Dan lijkt het alsof die vrouw zich klaarmaakt voor een volgende ontmoeting, na de vorige leeg en uitgewoond achter zich te hebben gelaten. Te veel Italiaans. Jezelf opmaken is ook teruggetrokken met iets anders bezig zijn. Die weet echt niks over een lege auto. En dan nog. 

Misschien dat de bestuurder even het veld in is, om iets te controleren. Die auto staat hier toevallig, voor een trotse eigenaar was een foto van de grille interessanter geweest. Typisch model, ik vraag het even aan Hans Aarsman, die weet alles. Het blijkt een Peugeot type 304, “maar dan de tweede serie met een rechte achterkant”. De neus en achterbak verschillen eigenlijk niet veel van elkaar. Je zou net zo goed vooruit, als achteruit kunnen rijden met dit model. De voorruit verschilt niet veel van de achterruit. 

Die foto van die dame is intrigerender. Hoe komt ze daar terecht? Nergens een bushokje. Een zitje langs de rand van een veld vind je niet zo snel. Dat stoeltje moet meegekomen zijn met het vervoer. Er zit intimiteit in dit beeld, deze vrouw kende de fotograaf. Het zou een model kunnen zijn dat zich nog even opmaakt voordat ze de rol van een in het veld werkende boerin gaat spelen. Of de tijd gebruikt tijdens het wisselen van een voorwiel. Wat moet je anders? 

Privé in het openbaar is spannend omdat je het gevoel krijgt iets te zien dat niet voor jouw ogen bedoeld is. En het wordt er nog beter op als je snapt dat dit alleen maar een toneelstukje is dat voor jou wordt opgevoerd. Teveel toeval. Ik val voor die knieën.